
OP DE RAND VAN EUROPA
De nieuwste Star Wars is er gefilmd en de beste whiskey’s komen er vandaan. Zuidwest Ierland. Zeg maar: Nieuw-Zeeland voor beginners. Anderhalf uur vliegen en je bent er. In het meest westelijke deel van Europa.
The Kingdom wordt het genoemd, omdat dit deel van Ierland van oudsher het minst gehoorzaam was aan Engeland. Je vindt er de mooiste kustlijn van Europa, in ieder geval de ruigste met overdonderende panorama’s. Een gebied zo wonderlijk mooi dat er maar één vraag relevant is: waar te beginnen?
Als we Black Valley naderen is er net een filmcrew bezig met in de hoofdrol drie kinderen in rode capejes.
De betovering begint al aan boord van het vliegtuig met als eindbestemming Cork. Van bovenaf zie je heel goed hoe onnatuurlijk groen het land is. Ook zie je hoe Ierland plotseling ophoudt en meters boven de Atlantic uittorent als een groot stuk taart waar lang geleden met een kartelmes stukken uit gesneden zijn. Het resultaat is een uiterst grillige kustlijn. Bijzonder in trek bij toeristen. Vooral de Ring of Kerry, een autoroute van 177 km over het schiereiland Iveragh. Thuis word ik van alle kanten gewaarschuwd: ‘Ga je de Ring of Kerry doen…in augustus? Dat wordt file rijden’. Ik laat me niet gek maken en luister liever naar een redactielid: vergeet Dingle niet! Het schiereiland waar Fungie al 32 jaar rondzwemt. Fungie built Dingle! krijg ik later zelfs te horen van een local. (Bent u er nog?) Tot de jaren tachtig was er in Dingle behalve oeverloos fluiten op een tin whistle niets te doen (‘Je kon er nog geen sandwich krijgen’, aldus dezelfde local), maar sinds er dagelijks boottripjes gemaakt worden onder het motto no see, no pay zorgt welgeteld één dolfijn voor meer toeristen in Dingle dan alle Ierse pubs en Keltische ruïnes bij elkaar. En dát dus al 32 jaar lang! Ik vraag nog wat er zou gebeuren als Fungie op een dag dood zou gaan (dolfijnen schijnen iets van 40 jaar oud te worden), maar die vraag had ik in de kiosk waar ze de bewuste boottripjes organiseren beter niet kunnen stellen; de daarop volgende ijzige stilte hoor ik nog…
Are you Happy?
Maar de vraag was: waar te beginnen? In ieder geval op de linker helft van de weg. De fotograaf rijdt en roep ik derhalve uit tot held van deze reportage. Uw verslaggeefster zit links en denkt vijf dagen lang dat ze aan het spookrijden is. De Tom Tom maakt het ons er ook niet gemakkelijker op. Direct na het vliegveld dwingt Mary je rechts aan te houden: Keep Right! Ze blijft het maar herhalen: Keep Right! Ja, wat is het nou Mary: links of rechts!?!
Enfin, alles went. Ook links rijden, al druk ik nog wel een paar keer het gaspedaal in, die er helemaal niet is en wil ik telkens aan de verkeerde kant van de auto instappen. De fotograaf (man van techniek) vindt het juist wel lachen, zegt hij, dat links rijden, inclusief de roundabouts, die je uiteraard ook links moet oprijden.
We maken een reis over de Ring of Kerry en het schiereiland Dingle en zijn vers geland op weg naar het centraal gelegen Killarney (90 km vanuit Cork). Onderweg stoppen we even in het plaatsje Macroom. De kogelronde eigenaar van een kleine kruidenierswinkel lijkt linea recta van de set van Harry Potter naar beneden te zijn gerold om voor ons een broodje te smeren. Are you happy? zegt hij bij binnenkomst. De reis moet nog beginnen, maar blij zijn we zeker. In ieder geval met ons broodje.
Koningin Victoria
Killarney is één van Ierlands grootste trekpleisters met een nationaal park als rugdekking en een oud landhuis als binnenkomer: het beroemde Muckross House, gebouwd in 1843 voor een bedrag van 30.000 pond. Dat waren nog eens tijden!
In 1861 kreeg de landlord hoog bezoek: koningin Victoria met haar 9 kinderen en 100 man personeel. Alles werd overhoop gehaald voor de vorstelijke visite. De gordijnen werden op bestelling in Parijs gemaakt, het notenhouten dressoir in Italië. De vloeren kraken, ondanks het rode tapijt, terwijl je op elke verdieping wordt aangekeken door reeën en andere jachttrofeeën. Beneden in het soutterain bevinden zich 34 servant bells, variërend in grootte, zodat je als bediende precies hoorde in welke kamer je werd ontboden. De gang is smal, de keuken groot. Ik zie de meiden rennen met de dampende schalen die boven nog eens extra werden verwarmd alvorens ze werden opgediend. Altijd haast en bang voor een botsing. Na het diner trokken de deftige dames zich terug bij de haard achter een schild om hun make-up bestaande uit wax en lood te beschermen tegen het vuur. De heren trokken zich terug in de bibliotheek met sigaren en een goed glas whiskey. In Ierland met een ‘e’ geschreven). Al deze luxe staat in schril contrast met de( hongersnood (The Great Famine), die van 1845 tot 1850 plaatsvond als gevolg van een aantal mislukte aardappeloogsten en minstens een miljoen Ieren naar Amerika deed emigreren. De achterblijvers kropen aldus een Engelse sergeant als ‘kraaien’ over het land op zoek naar die ene schaarse aardappel. Dat de Engelsen niet ingrepen wordt door de Ieren nog altijd beschouwd als een van de grootste schandalen uit de koloniale geschiedenis van het Verenigd Koningkrijk. Tien jaar later gaat in Muckross House de rode loper uit voor koninklijk bezoek – uit Engeland. Het wil er bij mij maar moeilijk in.
Bij het meer verzamelt zich een clubje Duitse fotografen. Ze volgen een fotoworkshop in Ierland en zijn al even verrukt als ik. ‘Das Licht is Toll!’ roept een dame die haar statief in de modder probeert te planten
We wijken deze reis een paar keer af van de Ring of Kerry, te beginnen in de buurt van Killarney voor een wandeling door de Gap of Dunloe, een 10 kilometer lange kloof in een magische stilte. Bij het meer verzamelt zich een clubje Duitse fotografen. Ze volgen een fotoworkshop in Ierland en zijn al even verrukt als ik. ‘Das Licht is Toll!’ roept een dame die haar statief in de modder probeert te planten. Als we Black Valley naderen, waar het altijd schijnt te regenen, is er net een filmcrew bezig met in de hoofdrol drie kinderen in rode capejes. Het mysterieus gecomponeerde landschap leent zich uitstekend voor een Harry Potter-achtige film. Ik sluit heel even mijn ogen om te horen hoe het landschap klinkt. Een kraai vliegt op met een hoop kabaal, terwijl in de verte een schaap aan het blaten is. Niet veel later hoor ik hoefgetrappel. Een paardenkoets. ‘Wanna have a drive back luv!’
Botsing
De volgende dag (na een heerlijke curry in mijn hotel naast de Lidle) verlaten we Killarnay. We zijn op weg naar Ladies View, een beroemd uitzichtpunt aan de Ring of Kerry. Ladies View dankt haar naam aan de hofdames van koningin Victoria die hier in 1861 waren en geen genoeg kregen van het uitzicht op de meren van Killarney. We zijn niet de enigen. Onderweg staan we in de file. Wat blijkt. Een touringbus van OAD heeft in een bocht een personenauto geschampt. Gelukkig zijn er geen gewonden. Achter onze auto staat een takelwagen. Ik vraag de man of hij voor het ongeluk komt. ‘No’, zegt hij in Iers dat ondertiteling vergt, hij is onderweg naar een andere aanrijding in de buurt van Sneem. Hij kijkt niet op van het incident: ‘It happens all the time!’
De wegen langs de Ring of Kerry zijn inderdaad wat aan de krappe kant. De route telt ook nog eens veel bochten en natuurlijk allemaal Europeanen die met het zweet in de handen links moeten rijden. Na elke bezienswaardigheid word je eraan herinnerd: DRIVE LEFT.
Aardbeien
Na het groen van Moll’s Gap (landschappelijk een van de mooiste plekken langs de Ring of Kerry) wacht het geel van The Strawberry Field in de buurt van Blackwater. Hier moeten we echt even langs, aldus collega schrijver Anne Wesseling. Ooit rende ze er naar binnen, schuilend voor de regen, en ontdekte ze per toeval dat het pannenkoekenhuis wordt gerund door Nederlanders. Margaret en Peter staan er nog steeds. In hun kerriegele cottage met een spectaculair uitzicht. Twintig jaar geleden zijn ze hier neergestreken. Bij toeval eigenlijk. Ze waren op bezoek bij een vriend die in Kenmare een huis bezit en maakte een reis door zuidwest Ierland. ‘Ik was op slag verliefd’, vertelt Margaret. ‘Op de oude vervallen huizen. Op de vriendelijke mensen. En op de enorme stukken ongerepte natuur waar je uren kon rijden zonder iemand tegen te komen. Bij elk huis dat te koop stond, keken mijn man en ik elkaar aan. Voor de grap zeiden we: kopen?’ Eenmaal thuis bleef het borrelen. Ierland was wel heel mooi. Het stel verhuisde in 1997 met twee dochters, de ene amper een half jaar oud, richting Moll’s Gap waar een vervallen landhuis schreeuwde om bewoond te worden. Inmiddels trekt het pannenkoekenhuis toeristen uit heel Ierland en wordt onze bestelling opgenomen door de 19-jarige baby van toen.
Stapelen
Eerlijk is eerlijk, na een paar uur rijden op de Ring of Kerry begint de drukte wat te irriteren. Gelukkig kun je na het plaatsje Sneem al snel de weg af voor Staigue Fort, een cirkelvormig fort dat 2015 na Christus nog altijd weet te imponeren. Ieren stapelen graag. Huizen, muurtjes, kerkjes. Alles bestaat uit gestapelde stenen met dit verschil dat ze in de IJzertijd de stapeltechniek een stuk beter onder de knie hadden dan nu. Menig muurtje langs de weg is omgewaaid. Het ronde fort uit 500 voor Christus staat nog altijd als een huis.
We rijden verder over de Ring of Kerry, maar niet zonder even te stoppen in Waterville, waar een levensgroot beeld staat van Charlie Chaplin, die hier een paar keer zijn vakantie doorbracht. Beats me why… Het is er winderig en bepaald niet pittoresk. Bovendien komt uit elk huis het blikken geluid van een tin whistle, waarmee hotels, restaurants en café’s publiek probeert te lokken. Ieder vanuit zijn eigen naar de zee gerichte speaker. De tin whistle werkt al snel op mijn zenuwen. Door dus…
Holy Ground
Na Waterville verlaten we de Ring of Kerry en rijden we richting Portmagee voor wat achteraf het hoogtepunt van de reis zal blijken: de Skellig Islands.
Holy Ground, want de nieuwste Star Wars is er opgenomen. De Ieren zijn er nog boos om. Althans natuurminnend Ierland, want de eilanden zijn een natuurreservat: ‘We are a nations of whores to allow this’. De Skelligs liggen 12 km uit de kust. Dagelijks gaan er in de zomer vanuit Portmagee (€60) bootjes naartoe, tenminste als de oceaan relatief rustig is. Het ene eiland (Little Skellig) wordt bewoond door jan-van-genten, het andere (Skellig Michael) door papegaaiduikers. Een UNESCO World Heritge. Alleen Skellig Michael mag je beklimmen. Op 230 meter hoogte wacht je een klooster uit de zesde eeuw. Maar zo ver zijn we nog lang niet.
Eerst trekken we in Portmagee aan boord van Pat Joe Murphy een knalgele oliebroek aan, vervolgens ziet iedereen in de genadeloze deining van de Magic Atlantic groen van zeeziekte (uitgezonderd uw verslaggeefster) om daarna opgewacht te worden door twee dolfijnen als we aan land gaan van deze uit zee oprijzende rots.
Het praatje van de gids aan de voet van de 600 treden tellende trap blijkt halverwege de klim allesbehalve een overdreven uitingsvorm van de bekende Angelsaksische obsessie met Health & Safety. (‘Take responsibility for your own actions. The terrain includes sheer cliffs. Accidents and fatalities have occured’) Zelden zoveel hoogtevrees gehad als op deze door monniken uitgehakte trap vol losliggende, oneven en glibberige stenen. Hoe Darth Vader met zijn futuristische nazihelm en wapperende cape ooit die trap is opgeklommen is me een raadsel. Serieus. Mijn knieën knikken, ik huil zelfs van angst en moet mezelf onderweg een paar keer hardop toespreken: may the Force be with me. Anderen roepen juist dat ik moet kijken hoe mooi het er is. Ik kijk alleen naar mijn voeten. De rest google ik wel, denk ik. Tot ik boven ben, in het micro-klimaat van een eeuwenoud klooster omringd door flarden mist en het geluid van de oceaan. Eindelijk durf ik van het uitzicht te genieten en die is buitenaards mooi.
Twee Canadese vrouwen van midden zestig – ik noem ze mijn Canadian Liberators – praten me vervolgens naar beneden. Machu Picchu schijnt nog veel enger te zijn, aldus Sue en Cheryl. Sommige Thaise Tempels blijken ook no go area te zijn voor mensen met hoogtevrees. Ik houd me vast aan elke trede (geen grap) en verontschuldig me voor mijn traagheid. ‘No worries, Nicole… the turtle always wins!’
Viking
De laatste twee dagen van onze trip brengen we door op het schiereiland Dingle. We komen er via Valentia-Island, dat aan de zuidkant via een brug met Portmagee is verbonden en aan de noordkant via een ferry (€6 per auto) met Cahersiveen, waar je de Ring of Kerry kunt vervolgen. Het weer ter hoogte van het schiereiland Dingle wordt steeds slechter. Voortgejaagd door de wind blijven we rondhangen in het gelijknamige stadje Dingle: één van de leukste plekken van onze reis met als must-do een bezoek aan kroeg annex ijzerwarenhandel John’s Fox, de utlieme man cave! Slea Head, de ruige kustroute die langs de Wild Atltantic Way voert, staat op het programma voor morgen, maar Fungie slaan we over. Het regent pijpenstelen. Bovendien zijn we bij de Skelligs al op onze wenken bediend door twee dolfijnen. Het stadje biedt genoeg afleiding voor een regenachtige middag. Zo treffen we in de winderige haven een reus met een rode baard. De Viking staat in een tochtgat van jewelste en heeft allemaal spullen bij zich in vuilniszakken. Op zijn pet schreeuwt het logo van een Heavy Metal-band. Een zwerver – denk je – met knuisten uit de IJzertijd. Tot er een klein meisje van een jaar of zeven op een krukje voor hem gaat zitten en de man zich van een hele andere kant laat zien. Blijkt Rick, want zo heet de reus, al drie generaties vrouwen in Dingle, te voorzien van haarvlechtjes! Het had weinig gescheeld of ik stond twee dagen later met een Iers vlechtje in mijn haar op Schiphol. Hail the red, orange and pale!
Ring of Kerry
De Ring of Kerry is – mind you – de populairste autoroute van Ierland. Het kan er dus druk zijn! De route is 177 km lang en voert over het schiereiland Iveragh (Kerry); deels langs de indrukwekkende Wild Atlantic Way (de in totaal 2500 lange kustroute van Ierland). De meeste mensen starten in Killarney en rijden de route tegen de klok in. Wij reden de route echter met de klok mee en hadden daarom minder last van drukte op de weg (de route was er zeker niet minder mooi om). In het zuiden kom je langs het plaatsje Waterville waar Charlie Chaplin regelmatig zijn vakantie vierde. De noordzijde van de route gaat langs de baai van Dingle en het plaatsje Killorglin, bekend van de jaarlijkse Puck Fair, waarbij een geit gekozen wordt als koning. Langs de route zijn meerdere bezienswaardigheden, waaronder Muckross House, Ladies View, Moll’s Gap en Staigue Fort. De Gap of Dunloe is niet in de route opgenomen, maar is zeker de moeite waard. Hetzelfde geldt voor de Skellig eilanden (buitenaards mooi!) en Valentia Island (betoverend). Neem de tijd en doe minimaal twee dagen over de Ring of Kerry. Drie als je de Skellig eilanden meepakt. Een boottrip naar de Skelligs (vertrek vanuit Portmagee) duurt minimaal zes uur.
Te voet!
Wist je dat je de Ring of Kerry ook te voet kan afleggen? De route is dan alleen wel langer (240 km). De wandelroute (Kerry Way) is goed gemarkeerd.
Autoroute zuidwest Ierland, Winnaar Tourism Ireland Award 2016, Foto: Sander Boer. Gepubliceerd in Reizen Magazine 2016